Verslag Brain Boost | Social Return: Wat is het?

16 aug 2021

Op donderdagmiddag 22 juli 2021 vond alweer de twintigste ‘Brain Boost’ plaats. Dit keer een kennissessie die volledig in het teken stond van Social Return. Een interessant onderwerp, want hoe pas het je nu toe of hoe kan je het toepassen in een aanbesteding?

Wat kwam er ter sprake?

Als eerste kwam ter sprake wat Social Return (SROI, SR of Social Return On Investement) nu precies is. Het creëren van sociale impact via (overheids)inkopen door te vragen of te eisen dat een opdrachtnemer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt inzet bij de uitvoering van de opdracht.

Er is geen één specifiek Social Return artikel in de Aanbestedingswet. Wel zijn er meerdere wetsartikelen waar het in ondergebracht kan worden en waar het aan moet voldoen, in het bijzonder het proportionaliteitsbeginsel. Social Return kan worden toegepast als contractseis/bijzondere uitvoeringsvoorwaarde en wordt dan meestal vormgegeven als percentage van de opdrachtwaarde. Daarnaast kan het als subgunningscriterium worden meegenomen als onderdeel van het gunningscriterium kwaliteit. Tot slot zijn constructies mogelijk waarin de aanbestedende dienst een sociaal keurmerk voorschrijft of het gebruik van een sociale onderneming en/of sociale werkplaats als onderaannemer verplicht stelt.

Voor aanbestedende diensten is het van belang om de gemaakte maken keuzes met betrekking tot Social Return vast te leggen in beleid. Deze keuzes kunnen vooraf goed doordacht worden en hoeven niet per aanbesteding genomen te worden. Leg bijvoorbeeld vast welke opdrachten wel in aanmerking komen voor het toepassen van Social Return en welke opdrachten niet. Als stelregel kan daarbij gehanteerd worden: geen SROI in geval van een levering, wel SROI bij werken en diensten (tenzij uit de specifieke omstandigheden van het geval, bijvoorbeeld de doorlooptijd of de waarde van de opdracht, volgt dat het toepassen van SROI toch wel/niet proportioneel is)?.

Er zijn verschillende manieren om Social Return toe te passen, waarvan een aantal bekende zijn besproken:

  • Bouwblokkenmethode: in de bouwblokkenmethode bepaalt de aanbestedende dienst vooraf een vaste waarde per in te zetten activiteit. De opdrachtnemer wordt gevraagd een plan in te dienen, waarin staat welke activiteiten zullen worden uitgevoerd (welke bouwblokken zullen worden ingezet). De totale waarde die de bouwblokken vertegenwoordigen, moeten (ongeveer) gelijk zijn aan de minimale waarde die aan social return besteedt moet worden.
  • Daadwerkelijk gemaakte kosten: Dit kan bijvoorbeeld gaan om kosten voor inzet en scholing van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in het bedrijf van de opdrachtnemer. Dit vraagt dat opdrachtnemer heel precies rapporteert over deze kosten aan de aanbestedende dienst. De administratieve last is bij deze variant daarmee hoog. Daar staat tegenover dat een opdrachtnemer naar inzet wordt beloond en minder kan profiteren van een minimale inzet voor maximaal resultaat.
  • Prestatieladder Socialer Ondernemen: De zogeheten Prestatieladder Socialer Ondernemen (PSO) is een keurmerk dat als doel heeft om de mate waarin een opdrachtnemer sociaal onderneemt inzichtelijk te maken. Des te hoger op de ladder, des te groter is de directe en indirecte sociale bijdrage van een onderneming. Voor directe sociale bijdrage wordt gekeken naar de hoeveelheid kwetsbare mensen die een onderneming inhuurt, indirect ziet op de afname van een onderneming bij bijvoorbeeld andere PSO- bedrijven. Sommige aanbestedende diensten vragen daarom een bepaalde PSO-trede als bewijs van geleverde prestaties op sroi, of geven korting op de te leveren verplichting wanneer een opdrachtnemer in bezit is van het keurmerk.
  • Maatwerk voor Mensen: De Rijksoverheid is in januari 2018 begonnen met een nieuwe aanpak van social return, naast het bestaande kader voor Rijksinkopen: SROI 2.0, ook wel Maatwerk voor Mensen. Dit betreft een doorontwikkeling van het beleid, waarin wordt gewerkt met een bredere doelgroep en meer mogelijkheid tot maatwerk in de toepassing. In proeftuinen wordt gekeken wat nodig is om meer banen te creëren, zonder dat hierbij de proportionaliteit uit het oog wordt verloren.

Tot slot werd de overlap en het verschil tussen Participatie en Social Return besproken, termen die veel in een adem worden genoemd maar wel degelijk van elkaar verschillen. Verschillen zitten in de doelgroep (Participatie is beperkter), de aard van de inzet (social return is tijdelijk versus duurzaam in geval van Participatie) en waar Participatie een uitvoeringstaak is van gemeenten, is social return een bijkomende beleidsdoelstelling bij inkopen. Participatie en Social Return kunnen elkaar gaan tegenwerken wanneer ondernemers die in het kader van de Participatiewet veel werknemers uit de doelgroepen in dienst hebben, deze niet kunnen inzetten voor de invulling van social return verplichting. Eén van de manieren waarop hieraan tegemoet kan worden gekomen, is door een ruimere uitleg van Social Return toe te passen.

De middag werd afgesloten met een aantal praktische Tips & Tricks:

  • Pas goed contractmanagement toe;
  • Neem in de aanbestedingsdocumenten goed op welke randvoorwaarden er precies voor Social Return gelden;
  • Pas geen Social Return toe bij leveringen, maar wel bij diensten en werken, tenzij je op basis van omstandigheden als looptijd van de opdracht, volwassenheid van de markt of de opdrachtwaarde de (proportionele) afweging kan maken om Social Return wel toe te passen;
  • Vraag in het kader van nadere gunningscriteria betreffende SROI bij inschrijving al om een plan van aanpak waarin wordt onderbouwd hoe invulling wordt gegeven aan de SROI-verplichting;
  • Indien SROI is opgenomen als eis, vraag een plan van aanpak dan alleen aan de inschrijver aan wie gegund is (in het kader van de verificatie). Bij voorbaat van alle inschrijvers een dergelijk plan opvragen kan als disproportioneel worden gezien;
  • ?Hanteer een deugdelijk controlemechanisme en neem een effectieve boetebepaling op om te voorkomen dat een inschrijver ten onrechte de aanbesteding wint op basis van een SROI-toezegging die hij vervolgens niet waarmaakt;?
  • Stel een maximum aan de SROI-toezeggingen, zeker bij een relatieve beoordeling, om te voorkomen dat de aanbesteding wordt gewonnen op basis van SROI-toezeggingen waarvan tijdens de uitvoering blijkt dat deze niet kunnen worden waargemaakt.

 Volgende keer erbij zijn?

Van harte uitgenodigd! De volgende ‘Brain Boost’-sessie is gepland op 9 september 2021, om 14.00 uur en vindt plaats via Microsoft Teams. Het onderwerp dat centraal staat: “Gunningsmethodieken: hoe op de juiste wijze toe te passen”.

Wissel werkwijze, vragen en ideeën uit met collega-inkopers en aanbestedende diensten. Een levendige discussie (wederom) gegarandeerd!

Deelnemen? Stuur dan even een mailtje naar info@aevesbenefit.com