Als de accountant het maar niet ziet…

24 apr 2017

Zit ik er ver naast als ik zeg dat de relatie tussen de accountant en Inkoop bij veel overheidsorganisaties ‘stroef’ is? Ik hoor van inkopers weinig positieve geluiden over de inzet, kennis en adviezen van de accountant. Hoe dat kan? Ik heb een vermoeden. Maar zeker weet ik het niet. Dát is de reden dat ik Riemer Schreiber, afstudeerder van de Hanze Hogeschool, heb gevraagd het voor me te onderzoeken. Dat is hij nu aan het doen.

De algemene wens van aanbestedende diensten is om minder focus te leggen op rechtmatig aanbesteden en meer op de doelmatigheid van een inkooptraject. De praktijk laat iets anders zien. Rechtmatigheid wint het nog steeds by far. Daar is de accountant, tegen wil en dank, mede schuldig aan. Met alle gevolgen van dien voor de relatie tussen de accountant en de inkoopafdeling van overheidsorganisaties. Maar hoe is die relatie eigenlijk? Is er sprake van samenwerking of tegenwerking? Krijgt de accountant de volledige medewerking (en informatie) van de inkopers of moet hij overal zelf maar achter zien te komen? Wordt er het maximale gehaald uit de accountancy-dienstverlening of (bewust) niet? Is het, om doelmatig aan te besteden, niet verstandiger om de accountant te omarmen in plaats van hem op afstand te houden? Het zijn vragen die niet dagelijks worden gesteld maar die me wel bezig houden.

De accountants, op hun beurt, klagen over de aanbestedingen waar zij op moeten inschrijven als ze hun werk bij een overheidsorganisatie willen uitvoeren. Te grote nadruk op prijs, te weinig op kwaliteit. Hoe terecht is die klaagzang? Riemer voerde onlangs een grondige analyse uit en ontdekte dat van alle gegunde aanbestedingen ‘Accountancy’ uit 2016, gemiddeld 36% van de gunning op basis van prijs plaatsvond. Prijs is dus inderdaad behoorlijk dominant. Van alle overheidsorganen legt de NUTS-sector de meeste nadruk op prijs (40%); de provincies leggen juist de focus meer op kwaliteit (68%). Van alle accountantskantoren wint EY met kop en schouders de meeste aanbestedingen, gevolgd door Baker Tily Berk en Deloitte. KPMG wint gemiddeld het meest op kwaliteit, Mazar het meeste op prijs. De ‘big 4’ kantoren wonnen 57% van de aanbestedingen. Het gemiddeld aantal inschrijvingen op een aanbesteding is met 2,7 erg laag te noemen. Zo’n 10% van de aanbestedingen levert zelfs geen enkele inschrijving op. Dat is een zorgelijke ontwikkeling waar de overheid wat mee moet om op lange termijn over een competitieve markt te kunnen blijven beschikken. Gaat de publieke sector het aanbestedingsgedrag nu aanpassen om daar op termijn de vruchten van te kunnen plukken?

Ik nodig u van harte uit om uw mening te geven in deze onderzoeksenquête. Deelname duurt slechts 10 minuten. De onderzoeksresultaten publiceren we in juli op Inkoperscafé en de website van AevesBenefit. Via deze link gaat u direct naar de enquête: https://nl.surveymonkey.com/r/NTGSSKP

Het onderzoek moet uitwijzen of de accountant een jaarlijks ‘verplicht nummer’ is of dat er toegevoegde waarde (bijvoorbeeld op het gebied van doelmatigheid) is die er alleen nog uit moet komen. En zo ja, wat er moet gebeuren om die te ontsluiten en te laten waarderen door Inkoop? De kip-en- het-ei- discussie zal hier zeker opgaan. Hoe minder de focus op prijs, hoe beter de accountant zijn werk kan doen. En hoe beter de kwaliteit, hoe meer toegevoegde waarde. Of zie ik dit verkeerd? Anders zal de accountant in de ogen van Inkoop altijd de

rechtmatigheidspolitie blijven. Klik even op de link en geef uw mening!

Wim Nieland