De toekomst van de Commissie van Aanbestedingsexperts

25 mei 2018

Onlangs is de vijfde jaarrapportage van de Commissie van Aanbestedingsexperts (CvAE) gepubliceerd. Hierin constateert de CvAE met name drie zaken: 1. de behoefte aan adviezen voor sluiting van de inschrijvingstermijn is minder; 2. aanbestedende diensten vertonen minder bereidheid om de aanbestedingsprocedure waarover geklaagd wordt op te schorten in afwachting van het advies; en 3. aanbestedende diensten leggen een nadelig advies eerder naast zich neer.

Het aantal klachten per jaar is de afgelopen jaren ca. 60 klachten per jaar. Het afgelopen rapportagejaar zijn er 59 klachten ontvangen met een totaal van 117 deelklachten. Bijna alle klachten zijn ingediend door (potentiële) gegadigden of inschrijvers, veelal mkb. Het merendeel van de klachten heeft betrekking op de (vermeende) strijdigheid van de inhoud of de toepassing van geschiktheidseisen, beoordelings- en gunningsystematiek met de beginselen van het aanbestedingsrecht.

De 14 klachten die zijn ingediend voor het sluiten van de inschrijvingstermijn, waar het advies nog invloed kan hebben op de aanbestedingsprocedure, worden in circa 35 dagen afgehandeld. In 5 van de 8 gevallen leggen aanbestedende diensten adviezen die zijn uitgebracht betreffende klachten met een kritieke termijn naast zich neer. De overige klachten hebben een gemiddelde doorlooptijd van 134 dagen. Dit laatste is een stijging van 59 dagen ten opzichte van 2016.

In de loop van 2019 zal de CvAE opnieuw worden geëvalueerd. Daarbij lijkt het de CvAE goed om onderzoek te doen naar mogelijke oorzaken van de schijnbaar aanwezige trends. De rol die de CvAE momenteel vervult (quasi-rechter die niet-bindende juridische oordelen in concrete aanbestedingsgeschillen geeft) zou idealiter onderwerp van de evaluatie moeten zijn, waarbij ook betrokken belanghebbenden hun visie zouden moeten kunnen geven. Het rapport wekt de indruk, dat de CvAE haar eigen rol als geschilbeslechter als zeer nuttig kwalificeert in de afgelopen vijf jaar, maar voor de toekomst toch mogelijk een andere rol passender vindt. Daartoe zal de CvAE op eigen initiatief en ter voorbereiding op de evaluatie nog een visiedocument met mogelijke toekomstscenario’s opstellen. In deze vijfde jaarrapportage worden alvast een aantal schoten voor de boeg gegeven: is het tijd voor een herwaardering van de doelen- en taakstellingen? Moet de CvAE uitgerust worden met meer bevoegdheden om zo een effectievere rol te vervullen? Of juist zich minder ‘oordelend’ opstellen en zich focussen op zaken waaruit de aanbestedende diensten in de toekomst lering kunnen trekken.